Steun ons en help Nederland vooruit

zondag 17 maart 2019

Ontwikkelingen Stationsgebied – D66 blijft kritisch en zorgvuldig

Afgelopen donderdag vond in de commissie Ruimtelijke Ordening en Wonen de discussie plaats over het Stedebouwkundig plan voor “De 7 Straatjes”, de gekozen variant voor de herinrichting van het Stationsgebied. D66 heeft vanaf het begin van de planvorming, alweer zo’n 5 jaar geleden, pal gestaan voor de kwaliteit van de ontwikkelingen op het Stationsgebied.

Ons uitgangspunt

We willen een mooie groene entree van Hilversum, met logische (loop)route(s) naar het Centrum en een autoluwe Stationstraat. Hiermee herstellen we de verbinding tussen Groest en Markt.

In het Stedebouwkundig plan is op basis van het Plan van Eisen (al eerder door de Raad vastgesteld) de 7 Straatjes-variant uitgewerkt en is op schetsen te zien hoe de ruimte is ingericht, hoe de verkeersstromen gaan lopen, hoe hoog de gebouwen worden en hoeveel ruimte er komt voor groen. Hoewel de fractie veel positieve elementen in het plan ziet, heeft D66 een aantal verbeteringen voorgesteld.
We zijn kritisch over delen van de voorgestelde bouwhoogte. Want waar eerder door de Raad de maximale bouwhoogte is vastgesteld op 6 bouwlagen, wilde het College nu tot 7 a 8 hoog faciliteren. D66 vindt dat de bebouwing op Stationsplein en Koninginneweg “op Hilversumse schaal” moet blijven, en niet verder de lucht in, zoals Entrada.

Met de grote fietsenkelder onder de grond (7000 plaatsen) zijn we blij, maar we hebben vragen gesteld over de verkeersafwikkeling in het gebied, met name voor de fietsers.

Bij de nieuwe bebouwing langs de Koninginneweg is het fietspad “Langs de Lijn” verdwenen. Wij hebben ervoor gepleit levendigheid en meer groen langs het spoor te creëren door daar een wandelpad aan te leggen, en om de schaalgrootte van de bebouwing daar aan te passen aan de karakteristieke panden op de Noorderweg aan de overzijde van het spoor.

Noorderweg, Hilversum, bron Google Earth

Door de “parkeerplint” (van de nieuwe bebouwing) deels te laten zakken, de gevels afwisselend te maken, voldoende ruimte tussen de bouwblokken te houden en de (verplichte) geluidswering langs het spoor groen te houden, ontstaat er een vriendelijk aangezicht vanaf de Oostzijde.

Verbinding met Oost

Daarmee wordt de zo gewenste verbinding met de oostzijde van het spoor in ieder geval op dit deel van het gebied gemaakt.

Al eerder zegde het College toe de uiteinden van de fietserstunnel te verbreden en de helling af te vlakken, waardoor er een aantrekkelijker passage ontstaat onder het station door. Ook roept D66 het College op met de NS in gesprek te gaan om het Stationsgebouw “transparanter” te maken. De aanhechting van het Oosterspoorplein aan het gehele gebied, wordt meegenomen in de plannen voor de ontwikkeling van de Spoorzone (1221). Zo gaat wethouder Scheepers met zijn collega Voorink overleggen over een visie op de verbindingsmogelijkheden in de Spoorzone. Dit zal meer tijd vragen. Dat is mogelijk omdat in de plannen van het Stationsgebied geen onomkeerbare ontwikkelingen zijn. Wat D66 betreft, moeten we zorgvuldige beslissingen nemen!